Hoe lang is het licht in Lapland? Dit verschilt enorm per seizoen

In Lapland is het licht van eind mei tot halverwege augustus 24 uur per dag aanwezig. De zon gaat dan simpelweg niet onder. In december is het omgekeerde het geval: dan is het bijna de hele dag donker. Het verschil tussen de langste en kortste dag is in Lapland veel extremer dan in Nederland.

Hoe lang het precies licht is, hangt af van de maand én van hoe ver naar het noorden je je bevindt. Lapland is een groot gebied dat zich uitstrekt over het noorden van Finland, Zweden, Noorwegen en Rusland. Hoe noordelijker, hoe extremer de lichtperiodes zijn.

Hoe lang is het licht in Lapland per seizoen?

De hoeveelheid daglicht in Lapland wisselt drastisch per tijd van het jaar. Hieronder een overzicht per seizoen:

Periode Licht per dag Bijzonderheid
Eind mei tot half augustus 24 uur Middernachtzon: de zon gaat niet onder
April en september 12 tot 18 uur Vergelijkbaar met een Nederlandse zomerdag
Oktober en februari 4 tot 8 uur Snel donker, maar noorderlicht mogelijk
November tot januari 0 tot 3 uur Kaamos: poolnacht, nauwelijks daglicht

De middernachtzon: 24 uur licht

Rond de zomerzonnewende, eind juni, staat de zon in het noorden van Lapland weken achter elkaar boven de horizon. Dit fenomeen heet de middernachtzon. In het Finse Rovaniemi, dat net op de poolcirkel ligt, is de zon in de periode rond 21 juni de hele nacht zichtbaar. Hoe verder naar het noorden, hoe langer deze periode duurt. In het uiterste noorden van Noorwegen of Finland kan de middernachtzon van begin mei tot eind juli aanhouden.

Praktisch betekent dit dat het ook om middernacht klaarlicht is. Slaapmaskers zijn dan geen overbodige luxe. Veel hotels in de regio hebben verduisterende gordijnen, maar goedkopere accommodaties soms niet. Check dit van tevoren als je er gevoelig voor bent.

De poolnacht: de kaamos

In december is de situatie precies omgekeerd. In het noorden van Lapland gaat de zon wekenlang niet op. Dit wordt de poolnacht of kaamos genoemd. In Rovaniemi schijnt de zon in december maar een paar uur per dag, en dan ook nog eens laag boven de horizon. Verder naar het noorden, in plaatsen als Inari of Utsjoki, is er helemaal geen zon te zien gedurende meerdere weken.

Toch is het niet pikdonker. Er is een blauwachtig schemerlicht dat een paar uur per dag zichtbaar is. Dit licht geeft een bijzonder, rustig karakter aan het winterlandschap. Bovendien zijn de donkere nachten ideaal om het noorderlicht te spotten, mits de hemel helder is.

Tussenseizoenen: lente en herfst

In april en september is er opvallend veel daglicht in Lapland, maar zonder de extremen van de zomer of winter. De lente begint snel te komen na de lange donkere periode, en het daglicht neemt in april snel toe. In september neemt het juist snel af. In deze maanden is het daglicht vergelijkbaar met wat je kent uit een Nederlandse zomer, maar de zon staat lager aan de hemel en de kleuren zijn warmer en rustiger.

Als je Lapland wilt bezoeken maar extremen wilt vermijden, zijn mei of september goede keuzes. Je hebt dan volop daglicht zonder de 24-uurs-zon van de zomer.

Kortom: het licht in Lapland varieert van nul uur tijdens de poolnacht tot vierentwintig uur tijdens de middernachtzon. Welke periode voor jou het beste past, hangt af van wat je zoekt: het betoverende donker van de winter met kans op noorderlicht, of de eindeloze lichte zomernachten waarbij dag en nacht in elkaar overlopen.